Etappe 15 van mijn tocht door de Alpen brengt me van Valfréjus naar Navache. Ik had gisteren een halve rustdag, maar klom toch al weer een stevig stuk uit de vallei zodat het vandaag niet te lastig wordt. Vandaag ga ik tot in Névache, en morgen eindig ik dan mijn korte tocht door de Alpen in Briançon.
Er staan 2 cols op het programma vandaag. We klimmen eerst een achttal kilometer tot bij de col de la vallée étroite, en die is goed voor 2440 meter. Valfrejus, de start van vandaag ligt op 1550 meter, dus het wordt alweer een stevige start voor de dag. Dan dalen we een kilometer of 5 tot bij de rifugio terzo alpini. Dan zijn we nog op ongeveer 1750 meter, en mogen we aan de tweede col van de dag beginnen. Dat is de col des thures, met 2190 meter hoogte. Dan wordt er rustig afgedaald in de richting van de slaapplaats voor vannacht, en die ligt op zo'n 1650 meter hoogte. In totaal zo'n 25 kilometer vandaag met toch weer dik 1200 hoogtemeters.
In Roubion sla ik af naar mijn slaapplaats voor vannacht in Névache, en morgen neem ik dan de GR5C naar Briançon, die hoger blijft en spectaculairder is.
Ik start 's morgens in Valfréjus en het begint meteen stilletjesaan te klimmen. Het gaat nog altijd over een goeie weg, eerst asfalt, maar dan worden we stilaan onverharde wegen opgestuurd. Maar ze blijven het eerste stuk van de tocht echt breed, en het gaat eigenlijk verbazend vlot. Ja, het is soms steil, maar het is eigenlijk best te doen van rustig naar boven te lopen.
Na een paar kilometer passeren we een oud fort, zoals er hier op de grens van Frankrijk en Italië zo veel neergezet zijn. De komende dagen zullen we er nog wel meer zien. Al deze versterkingen waren onderdeel van de Maginotlinie, die gebouwd werd voor de tweede wereldoorlog om het fascistische Italië buiten te houden. Dit is dezelfde verdedigingslinie die we in de Vogezen ook tegenkwamen. Uiteraard bleken deze forten nutteloos als het eenmaal zo ver was, maar dat is meestal zo met investeringen in defensie. Maar het toont wel aan dat zelfs dit verstilde stuk van de Alpen een tijdje geleden minder vredelievend was. Er werd hier toen een stevig robbertje gevochten.
De top van de col de la Vallée Etroite zit volledig in de mist als ik er aan kom. Dat maakt het niet zo gemakkelijk om de weg te vinden, maar het maakt het allemaal wel spookachtig en best wel tof. Je hoort andere wandelaars eerder aankomen dan dat je ze ziet, en dat geeft een extra dimensie aan de tocht.
Tot aan de top is de weg echt prima. Het blijven eigenlijk tot bijna helemaal boven brede wegen waar je zelfs met een 4x4 zou kunnen passeren. De afdaling is minder tof. Dit bestaat voor enkele passages uit losliggende stenen en dat maakt het afdalen echt een hel. Het is wakker blijven en elke stap concentreren. Een misstap is hier zo gebeurd.
Maar het is natuurlijk niet al kommer en kwel. Eenmaal een paar honderd meter gedaald, komen we in een prachtgie vallei en trekt de mist stilaan op. Een echt mooie magische wereld gaat open, en het is weer genieten.
Na nog een paar stevige stukjes afdalen, en dan een lange tocht door de vallei sta ik dan aan de "Rigugio Terzo Alpini". Deze is genoemd naar het derde alpine regiment van het Italiaanse leger. En dat zet meteen de toon. We zijn in Frankrijk, maar er wonen in dit kleine dorpje enkel Italianen. De Fransen hebben geprobeerd van de refuge te herdopen in de "refuge de la vallée étroite" maar daar wilden de eigenaars niet van weten.
De inwoners spreken dan ook liever Italiaans of zelfs Engels dan dat ze in het Frans moeten communiceren. Het ligt hier duidelijk nog gevoelig dat na de tweede wereldoorlog deze vallei van Italië naar Frankrijk ging.
Het eten in de rifigio is gelukkig prima en helemaal niet duur. Ik eet een chili con carne en een lekkere panna cotta, waarna ik genoeg energie heb om de rest van de tocht aan te vallen.
Want al meteen naar de rifugio mag je aan de laatste col van vandaag beginnen: de Col des Thures. Je moet hier zo'n 400 meter omhoog, en dat gaat eigenlijk vrij gelijkmatig langs allerlei haarspeldbochtjes. Het is mooi, en je klimt eigenlijk verbazend vlot en verbazend snel uit de vallei.
Ik zoek me 's avonds een weg naar mijn b&b in Névache, en ben er net op tijd voor het onweer losbarst. Het blijft donderen, en een paar uur later valt de stroom uit in het dorp. Nog een half uur later heeft ook de backup generator voor de telefoonverbinding het begeven en zit je hier in het donker, zonder telefoon of internet. Dat is nog eens echt old school...
De volgende morgen is het nog steeds niet opgeklaard en zit het hele dorp nog steeds zonder electriciteit en afgesneden van de buitenwereld na wat aardverschuivingen. Ik kies er dus maar voor om de bus te nemen naar Briançon wanneer de weg weer vrijgemaakt is na het onweer. Die etappe die eigenlijk voor morgen gepland was, die kan volgend jaar ook wel gelopen worden. Tijdens een onweer een groot stuk van de dag op de bergkam lopen op meer dan 2300 meter hoogte, dat lijkt niet het beste plan vandaag.
Alle foto's vind je hier: {getButton} $text={foto album} $icon={link} $color={#27aa60}.
Er staan 2 cols op het programma vandaag. We klimmen eerst een achttal kilometer tot bij de col de la vallée étroite, en die is goed voor 2440 meter. Valfrejus, de start van vandaag ligt op 1550 meter, dus het wordt alweer een stevige start voor de dag. Dan dalen we een kilometer of 5 tot bij de rifugio terzo alpini. Dan zijn we nog op ongeveer 1750 meter, en mogen we aan de tweede col van de dag beginnen. Dat is de col des thures, met 2190 meter hoogte. Dan wordt er rustig afgedaald in de richting van de slaapplaats voor vannacht, en die ligt op zo'n 1650 meter hoogte. In totaal zo'n 25 kilometer vandaag met toch weer dik 1200 hoogtemeters.
In Roubion sla ik af naar mijn slaapplaats voor vannacht in Névache, en morgen neem ik dan de GR5C naar Briançon, die hoger blijft en spectaculairder is.
Ik start 's morgens in Valfréjus en het begint meteen stilletjesaan te klimmen. Het gaat nog altijd over een goeie weg, eerst asfalt, maar dan worden we stilaan onverharde wegen opgestuurd. Maar ze blijven het eerste stuk van de tocht echt breed, en het gaat eigenlijk verbazend vlot. Ja, het is soms steil, maar het is eigenlijk best te doen van rustig naar boven te lopen.
Na een paar kilometer passeren we een oud fort, zoals er hier op de grens van Frankrijk en Italië zo veel neergezet zijn. De komende dagen zullen we er nog wel meer zien. Al deze versterkingen waren onderdeel van de Maginotlinie, die gebouwd werd voor de tweede wereldoorlog om het fascistische Italië buiten te houden. Dit is dezelfde verdedigingslinie die we in de Vogezen ook tegenkwamen. Uiteraard bleken deze forten nutteloos als het eenmaal zo ver was, maar dat is meestal zo met investeringen in defensie. Maar het toont wel aan dat zelfs dit verstilde stuk van de Alpen een tijdje geleden minder vredelievend was. Er werd hier toen een stevig robbertje gevochten.
De top van de col de la Vallée Etroite zit volledig in de mist als ik er aan kom. Dat maakt het niet zo gemakkelijk om de weg te vinden, maar het maakt het allemaal wel spookachtig en best wel tof. Je hoort andere wandelaars eerder aankomen dan dat je ze ziet, en dat geeft een extra dimensie aan de tocht.
Tot aan de top is de weg echt prima. Het blijven eigenlijk tot bijna helemaal boven brede wegen waar je zelfs met een 4x4 zou kunnen passeren. De afdaling is minder tof. Dit bestaat voor enkele passages uit losliggende stenen en dat maakt het afdalen echt een hel. Het is wakker blijven en elke stap concentreren. Een misstap is hier zo gebeurd.
Maar het is natuurlijk niet al kommer en kwel. Eenmaal een paar honderd meter gedaald, komen we in een prachtgie vallei en trekt de mist stilaan op. Een echt mooie magische wereld gaat open, en het is weer genieten.
Na nog een paar stevige stukjes afdalen, en dan een lange tocht door de vallei sta ik dan aan de "Rigugio Terzo Alpini". Deze is genoemd naar het derde alpine regiment van het Italiaanse leger. En dat zet meteen de toon. We zijn in Frankrijk, maar er wonen in dit kleine dorpje enkel Italianen. De Fransen hebben geprobeerd van de refuge te herdopen in de "refuge de la vallée étroite" maar daar wilden de eigenaars niet van weten.
De inwoners spreken dan ook liever Italiaans of zelfs Engels dan dat ze in het Frans moeten communiceren. Het ligt hier duidelijk nog gevoelig dat na de tweede wereldoorlog deze vallei van Italië naar Frankrijk ging.
Het eten in de rifigio is gelukkig prima en helemaal niet duur. Ik eet een chili con carne en een lekkere panna cotta, waarna ik genoeg energie heb om de rest van de tocht aan te vallen.
Want al meteen naar de rifugio mag je aan de laatste col van vandaag beginnen: de Col des Thures. Je moet hier zo'n 400 meter omhoog, en dat gaat eigenlijk vrij gelijkmatig langs allerlei haarspeldbochtjes. Het is mooi, en je klimt eigenlijk verbazend vlot en verbazend snel uit de vallei.
Ik zoek me 's avonds een weg naar mijn b&b in Névache, en ben er net op tijd voor het onweer losbarst. Het blijft donderen, en een paar uur later valt de stroom uit in het dorp. Nog een half uur later heeft ook de backup generator voor de telefoonverbinding het begeven en zit je hier in het donker, zonder telefoon of internet. Dat is nog eens echt old school...
De volgende morgen is het nog steeds niet opgeklaard en zit het hele dorp nog steeds zonder electriciteit en afgesneden van de buitenwereld na wat aardverschuivingen. Ik kies er dus maar voor om de bus te nemen naar Briançon wanneer de weg weer vrijgemaakt is na het onweer. Die etappe die eigenlijk voor morgen gepland was, die kan volgend jaar ook wel gelopen worden. Tijdens een onweer een groot stuk van de dag op de bergkam lopen op meer dan 2300 meter hoogte, dat lijkt niet het beste plan vandaag.
Alle foto's vind je hier: {getButton} $text={foto album} $icon={link} $color={#27aa60}.
